VW Fun Cup: Terugblik op een 25-jarig succesverhaal

Gepubliceerd op 01 januari 2020 | Photos : Archives Belgian VW Club

Sinds zijn ontstaan in 1997, is de VW Fun Cup uitgegroeid tot een van de mooiste succesverhalen in de Belgische autosport.  Het idee van Pascal Witmeur en Franz Dubois, dat door de Belgian VW Club wordt ondersteund, stelt zich tot doel autosport toegankelijker te maken voor een groter publiek. Een aspect dat hij deelt met zijn voorvader, de Formule Vé. Een blik op de oorsprong van het ondertussen 25-jarige succesverhaal!

Toegegeven, het is nogal paradoxaal, maar het begin van de VW Fun Cup situeert zich tijdens een… 2CV-wedstrijd.  Het is tijdens zijn deelname aan de 24 Uren 2CV met Prins Laurent, dat Pascal Witmeurs creatieve brein een versnelling hoger schakelt.  “Die 2VC’s waren niet betrouwbaar en eigenlijk ook niet echt leuk om te besturen”, steekt hij van wal.  “Maar het concept zelf was wel leuk en er heerste bovendien een echt toffe sfeer in de paddock.  Ik vond dan ook dat dit concept een wagen nodig had die voor meer sensaties kon zorgen en bovendien identiek zou zijn voor iedereen.”

Kortom, een merkencup waarbij amusement op de eerste plaats komt.  Over de naam - Fun Cup - moet alvast niet lang worden nagedacht!  “Om te slagen in onze opzet, moesten we natuurlijk met een eerste, symbolische, wagen op de proppen komen”, herinnert Pascal zich nog als de dag van gisteren.  “En dus toverde ik de Kever uit mijn hoed.  Ik belde Franz Dubois, die in eerste instantie niet echt overtuigd was.  Hij dacht namelijk dat het de bedoeling was om dit met echte Kevers te doen.  Een dag later belde hij me terug en stelde hij een buizenchassis voor met een centraal achterin gelegen motor.  We trokken naar J.G. Mal-Voy (de toenmalige voorzitter van de Belgian VW Club) en kregen zijn - in eerste instantie morele - steun.  Maar J.G. trok met ons idee naar D’Ieteren en weekte er ook hun steun los, wat een van de sleutels tot het succes zou betekenen.

In de geest van de Formule Vé

Bij het bedenken en bouwen van de VW Fun Cup, heeft Franz Dubois twee ideeën in zijn hoofd:  een wagen ontwerpen die toegankelijk en leuk is voor piloten met een verschillend niveau, maar er ook voor zorgen dat de kosten de pan niet uit swingen.  Meteen ook de verklaring waarom, net zoals in de hoogdagen van de Formule Vé, vooral gebruik wordt gemaakt van originele onderdelen, beschikbaar in de catalogi van VW en Audi.  De motor is afkomstig uit een Golf 1800, de driehoek van de ophanging uit een Audi 80,  de wielnaafdragers van de Golf 2, enz.  Het koetswerk bestaat bovendien uit verschillende onderdelen, waardoor in geval van schade, de kosten worden beperkt.  De banden ten slotte zijn eveneens seriemodellen, waardoor ze goedkoper zijn bij aankoop en langer meegaan.  Het partnership met Uniroyal zou overigens vele jaren duren en het bandenmerk zou de VW Fun Cup maximum gaan exploiteren in het kader van promotionele doeleinden. Tegenwoordig heeft een andere partner – de bandenfabrikant Hankook – zijn naam verbonden aan het kampioenschap.

Maar om een dergelijk project van de grond te krijgen, is ook geld nodig.  Samen met Christian Lahaye, die ook wel wat ziet in het idee, investeert Pascal Witmeur en diens bedrijf Pitlane even veel als Franz Dubois en de broers Benoit en Guy De Keyser.  Al snel komen ook Damien Coens en Pierre Chaudoir de gelederen versterken, want de interesse in hun vrijetijdskartingraces (zoals de 24 Uren van Mariembourg of de Heizel) lijkt wat over zijn hoogtepunt heen.  Maar beide heren zijn er rotsvast van overtuigd dat hun concept best wel zou kunnen worden geëxporteerd naar de autosport en de VW Fun Cup is in hun ogen dan ook het ideale product. 

Fun

In het hoofd van zij die de formule willen lanceren, wordt alles met de dag duidelijker.  Ze willen een competitie voor wagens waarbij zowel nieuwelingen als professionele piloten het op de mooiste circuits tegen elkaar kunnen opnemen.  De wagen moet gemakkelijk en plezierig zijn om mee te rijden en mag vooral niet te veel kosten.  Bovendien moet de amusementswaarde steeds op de eerste plaats komen en gebeurt dit bijvoorbeeld ook door ‘s avonds onvergetelijke feesten te organiseren.  Kortom, het concept is af!

Op 23 maart 1996, organiseert de Belgian VW Club een testdag op een tijdelijke omloop in Bertrix.  Het eerste prototype van de VW Fun Cup wordt er voorgesteld!  In die tijd wordt uit een originele, 90 pk sterke motor, niet meer dan 115 paarden gepuurd.  “Maar de klanten vonden dat er niet genoeg fut in de wagen zat”, vertelde Franz Dubois bij het 50-jarige bestaan van de Belgian VW Club.  “Dus hebben we de motor doen evolueren om uiteindelijk met een definitieve versie van 130 pk voor 730 kg uit te pakken, wat al wat aanvaardbaarder was.”

Een moeilijk begin

Ondanks heel wat bemoedigende signalen, mag gerust gesteld worden dat het begin verre van simpel is en dat de aandeelhouders in die periode niet altijd goed moeten hebben geslapen.  “In het begin verkochten we slechts 4 of 5 wagens”, blikt Pascal Witmeur terug op die periode.  “We hadden er 10 gebouwd en we werden toch een beetje nerveus…

De allereerste wedstrijd VW Fun Cup wordt georganiseerd in Chimay, op 5 en 6 juli 1997 in het kader van de Belgian Procar.  Er staan drie manches op het programma (een over 75 minuten, de twee overige over 90 minuten) en het trio Sabine Dubois (de dochter van Franz), Bernard Appercé en Emerson Delcourt schrijven geschiedenis door als eersten een VW Fun Cup race op hun naam te schrijven.  Het “Droopy Team”, want dat is hun naam, zal zich op het einde van het seizoen ook als eerste tot kampioen VW Fun Cup weten te kronen. Maar met slechts 13 wagens aan de start en de ene na de andere kapotte cardan, met dank aan de kerbstones van Chimay, is de balans toch niet helemaal positief…  Bovendien komt tijdens de eerste 24-uursrace in Croix-en-Ternois een ander zwak punt aan de oppervlakte.  “De remschijven achteraan geraakten oververhit, wat leidde tot een breuk van de wielnaafdragers”, stelde Franz Dubois indertijd.  “Maar uiteindelijk slaagden we er al bij al snel in deze problemen op te lossen en het duurde niet lang alvorens de VW Fun Cup werd beschouwd als een betrouwbare en leuke wagen om mee te racen.”

De explosie

De steun van de Belgian VW Club leidt tot heel wat media-aandacht, een gevolg van het uitnodigen van journalisten op verschillende wedstrijden en ook de mond-op-mond reclame doet goed haar werk.  Terwijl we in Chimay nog maar 13 wagens tellen, tekenen er voor de laatste race van het seizoen al 22 present.  “En dus zaten we al snel met een luxeprobleem”, vertelde Franz Dubois.  “We hadden namelijk alle moeite van de wereld om de talrijke bestellingen na te komen.  Het was gekkenwerk!

De cijfers spreken dan ook boekdelen.  In 2000, het vierde seizoen van de VW Fun Cup, tellen we al 80 Fun Cups, waaronder reeds 14… tweezitters!  Want, vanzelfsprekend was de ideeënfabriek van Pascal Witeur en zijn vrienden (waaronder ondertussen ook ex-commercieel vertegenwoordiger van City Kart, Christophe Wachel) niet gestopt met werken.  En zo ontstaat plots een op het eerste zicht absurd idee: mensen de autosport van binnenuit laten beleven door ze… tijdens de race als passagier mee te nemen!  Een idee dat niet meteen door iedereen op gejuich wordt onthaald en zeker niet door de Belgische autosportfederatie (RACB).  Zij voelt er niets voor, vooral dan omwille van de mogelijke gevaren die het zou kunnen inhouden.  Sindsdien werken de tweezitters hun eigen race binnen de race af…

De VW Fun Cup trekt naar het buitenland 

Er kan niet meer naast het succes van de VW Fun Cup worden gekeken en het is vandaag gewoon onmogelijk te zeggen hoeveel piloten de autosport hebben ontdekt aan boord van deze racekever.  Want naast de Belgische competitie, wekt de VW Fun Cup ook bij verschillende invoerders van andere landen heel wat interesse op.  Frankrijk, Groot-Brittannië, Italië, Duitsland… allemaal landen waar de VW Fun Cup met open armen wordt ontvangen.  In 2003 leidt dit zelfs tot de creatie van een heus Europees kampioenschap, maar de verplichtingen en kosten die hiermee gepaard gaan, kaderen niet in het bij de deelnemers zo belangrijke “low-cost”-principe.

Toch blijft de serie succesvol.  In het voorjaar van 2005, verlaat de 200ste VW Fun Cup de ateliers van Franz Dubois!  En jaar na jaar worden ook de 25 Uren groter en groter, met 2007 als hoogtepunt.  Tijdens dit weekend waarin VW, naar jaarlijkse gewoonte, een groot familiefeest organiseert (met animaties voor jong en oud), zakken niet minder dan 30.000 toeschouwers en 162 VW Fun Cups of naar Spa voor de XL-versie van deze etmaalrace.  Enkele weken later viert de VW Fun Cup in Chimay met veel toeters en bellen zijn 10de verjaardag.  

Dieptepunt… en de heropleving

Na een erg succesvolle periode, gaat de VW Fun Cup vervolgens door een dalletje.  Omdat de stock van motoren van de VW 1800 lijkt uitgeput en de wens wordt geuit om de VW Fun Cup dichter bij de klanten van Volkswagen te brengen, beslissen de promotoren, de Belgian VW Club en Franz Dubois om een dieselversie te ontwikkelen.  Die Evo2 komt er in 2009 en diens TDI-krachtbron beschikt over meer vermogen…  Toch hebben de piloten minder plezier achter het stuur en durft de betrouwbaarheid het al wel eens afweten.  Op vrijwel hetzelfde moment verloopt het beheer van de VW Fun Cup, door de maatschappij Speedworld (dat PRC heeft vervangen), niet meteen van een leien dakje.  Eind 2011 gaat Speedworld op de fles en komt de VW Fun Cup aan zijn einde… officieel gesproken dan toch.  

Kronos Events, onder leiding van Jean-Pierre Mondron en Marc Van Dalen (een oud-deelnemer aan de Polo Challenge), biedt eigenaars van een wagen echter een uitweg door twee jaar lang de BE Trophy te organiseren.  Het is trouwens in 2013 dat ook de Evo3 het daglicht ziet.  Ontwikkeld door WRT en uitgerust met een modernere benzinemotor van 172 pk en een sequentiële versnellingsbak, zal deze nieuwkomer de “anti-diesel”-clan terug verzoenen met de formule.  De terugkeer van VW als officiële partner in 2014 zorgt ervoor dat de machine weer op gang wordt getrokken.  Na uit zijn as te zijn verrezen, is de VW Fun Cup bezig aan een stevige comeback. Met de expertise van WRT weet de Evo3 goede prestaties te combineren met betrouwbaarheid en rijplezier. Het puike werk van promotor Kronos Events, die met name zorgt voor een aangename sfeer en veel aandacht in de pers, draagt eveneens bij tot het succes.  De jaren vliegen voorbij en zelfs de Covid-crisis overwon men zonder al te veel kleerscheuren. Het is best bijzonder dat een kampioenschap een kwarteeuw bestaat en in die periode bovendien – min of meer – dezelfde ingrediënten blijft hanteren. Dat is echter wel waar de VW Fun Cup in slaagt. 25 jaar, dat mag gevierd worden!

Wist je dat? Van 24 naar 25 uur

Ook de bezielers van de VW Fun Cup willen een 24-uurs race organiseren in Francorchamps.  Na een eerste poging in Croix-en-Ternois, in 1997, gebeurt dit ook effectief in 1998… “Maar Jos Dekens, toen de baas van de 24 Uren van Spa, was er niet over te spreken dat we een min of meer zelfde naam gebruikten”, vertelde Franz Dubois. “Tijdens de vergadering kwam de rebel in mij naar boven en ik weet nog dat ik toen voorstelde om er dan geen 24, maar meteen 25 van te maken!  Iedereen stemde in en al snel doopten de journalisten onze unieke wedstrijd om tot “De langste race ter wereld”.  We weten ondertussen welk succes de 25 Uren vervolgens hebben gekend…”

Leuk detail: de eerste editie, in 1999, vindt plaats van 23 tot 25 juli, de “traditionele” datum van de 24 Uren van Spa… Vanaf dan is het tijdens het tweede weekend van juli dat de “Fun Cupiens” Francorchamps inpalmen!

 

 

Galerij